Vlaanderen, Wallonie en Brussel: waarom de cijfers zo verschillen
Belgie is een klein land met drie gewesten, en de luchtkwaliteitscijfers verschillen daartussen aanzienlijk. Interessanter dan het verschil zelf is dat de volgorde omdraait, afhankelijk van welke stof u bekijkt.
Stikstofdioxide: Brussel bovenaan
Gemiddeld over de gemeentemiddelpunten ligt het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor stikstofdioxide het hoogst, met Vlaanderen daarachter en Wallonie duidelijk het laagst. Het verschil tussen Brussel en Wallonie is ruwweg een factor twee.
Dat is precies wat u van een verkeersstof mag verwachten. Brussel is volledig verstedelijkt: er is geen enkele Brusselse gemeente met een landelijk middelpunt. Wallonie heeft juist de Ardennen, met gemeenten waar het middelpunt kilometers van de dichtstbijzijnde drukke weg ligt. De laagste stikstofdioxidewaarden van het hele land staan daar: Eupen, Baelen, Jalhay en Stoumont, allemaal rond 2,5 µg/m³.
Fijnstof: Vlaanderen bovenaan
Bij PM2,5 draait de volgorde om. Vlaanderen ligt daar gemiddeld hoger dan Brussel, terwijl Brussel toch de meeste verkeersdrukte heeft.
Dat is geen fout in de cijfers maar de kern van hoe fijnstof werkt. Een aanzienlijk deel ervan waait van buiten het land aan, en die aanvoer komt overwegend uit het noordwesten en het zuidwesten. Vlaanderen ligt daar vol in. De hoogste fijnstofwaarden in onze database staan dan ook niet in het centrum van Brussel maar in West-Vlaanderen en aan de kust, in gemeenten als Jabbeke, Zedelgem en Brugge.
Daar komt bij dat in Vlaanderen relatief veel wordt gestookt met hout, en dat is een forse fijnstofbron.
Black carbon: de Antwerpse noordrand
Voor black carbon tekent zich nog een derde patroon af. De hoogste waarden staan in Antwerpen en de gemeenten daaromheen: Stabroek, Kapellen, Essen en het fusiegebied Beveren-Kruibeke-Zwijndrecht. Dat is het havengebied, met zware voertuigen, scheepvaart en industrie.
Ook hier is dus geen sprake van een algemene rangorde van gewesten, maar van een ruimtelijk patroon dat de bron volgt.
Een waarschuwing bij deze vergelijking
Alle gemiddelden hierboven zijn gemiddelden van gemeentemiddelpunten, waarbij elke gemeente even zwaar meetelt, ongeacht hoeveel mensen er wonen. Een gewest met veel kleine landelijke gemeenten komt daardoor lager uit dan wanneer u naar de blootstelling van de bevolking zou kijken.
Wallonie heeft 261 gemeenten, waarvan veel dunbevolkte Ardense gemeenten; Brussel heeft er negentien, allemaal stedelijk. Dat vertekent de vergelijking in het voordeel van Wallonie. Wij vermelden dat ook op de pagina met gewesten en provincies.
Veelgestelde vragen
Hebben de gewesten elk eigen luchtkwaliteitsbeleid?
Ja. Luchtkwaliteit is in Belgie een gewestelijke bevoegdheid, uitgevoerd door de VMM in Vlaanderen, AwAC in Wallonie en Leefmilieu Brussel. IRCEL-CELINE is de interregionale cel die de gegevens samenbrengt, en dat is precies waarom er wel landsdekkende kaarten bestaan.
Zijn de cijfers tussen gewesten onderling vergelijkbaar?
Ja, en dat is een belangrijk voordeel van deze bron. Het model is voor het hele land hetzelfde en de kaarten zijn wall-to-wall, dus u ziet geen naadje op een gewestgrens. Bij veel andere Belgische geodata is dat wel het geval.
Waar zit de schoonste lucht van Belgie?
In de Hoge Venen en de omliggende Ardense gemeenten, op elke stof. Dat volgt rechtstreeks uit de afwezigheid van bronnen en de hoogteligging.
Volgende stap: bekijk uw eigen gewest via de gewest- en provinciepagina's, of vergelijk twee gemeenten uit verschillende gewesten.